Ervaringverhaal:

Agnés Stork
‘Waarom overkwam dit ons? Had ik iets verkeerd gedaan?’

Agnes had te weinig vruchtwater.‘Toen ik met 24 weken op het verlosbed lag, zag ik de realiteit onder ogen: dit kon écht slecht aflopen.’

‘Tijdens de twintigweken-echo bleek dat ik te weinig vruchtwater had en kwam ik onder controle van een gynaecoloog. Met 24 weken braken mijn vliezen en ik had al twee centimeter ontsluiting. Ik werd opgenomen in het ziekenhuis. We waren overladen met verdriet, konden niet meer stoppen met huilen. Ik vroeg me af waarom ons dit overkwam. Had ik iets verkeerd gedaan? Het bleef spoken in mijn hoofd. Als de baby nu werd geboren, was zijn overlevingskans nihil. Maar ook als hij in mijn buik bleef, waren er problemen. De ontwikkeling van de longen werd belemmerd. En omdat hij nauwelijks kon bewegen waren er mogelijk problemen met de ontwikkeling van de gewrichten.

Opgelucht waren we toen ik de kritische termijn van 25 weken zwangerschap bereikte. Vanaf nu zouden de artsen alles doen om mijn baby te redden. Maar de weg was nog lang. Ik moest bereid zijn om langer in het ziekenhuis te blijven, dat zou het beste zijn voor de baby. Elke dag erbij is winst. Intussen moesten we leven met de dreiging van bevallen. Dit zorgde voor veel spanning. Zou de baby kunnen ademen? Zouden we afscheid moeten nemen? Soms voelde ik de baby die probeerde te bewegen maar geen ruimte had en dat was pijnlijk.

Na achttien dagen in het ziekenhuis ben ik bevallen van onze zoon Roderick. Ik was toen officieel 26 weken en vijf dagen zwanger. Ondanks een klaplong, zijn lage geboortegewicht van 1050 gram, verschillende infecties en heel lang ademhaling ondersteuning, heeft hij als een leeuw voor zijn leven gevochten. Nu gaat het supergoed met hem, dankzij alle goede zorg die hij heeft gekregen in de eerste maanden van zijn leven.’

Terug naar ervaringsverhalen

Steun ons en help babysterfte in Nederland te verminderen. Want een gezond geboren baby, dat gun je toch iedereen.